Publised on 3 jun 2026

AMLR vs Wwft: wat verandert er voor jouw organisatie?

Chantal Toonders

Van Wwft naar AMLR

Wat de nieuwe Europese anti-witwasregels voor jouw organisatie betekenen

Op 10 juli 2027 gaan er nieuwe Europese anti-witwasregels gelden: de AMLR, voluit Verordening (EU) 2024/1624. Voor organisaties die nu onder de Wwft vallen, van accountants- en administratiekantoren tot vermogensbeheerders, trustkantoren en notarissen, verandert er veel. Niet alleen de regels zelf, maar ook de manier waarop je je organisatie inricht om witwassen tegen te gaan. De vraag is dus niet of je iets moet aanpassen, maar hoe grondig en hoe snel.


Deze overgang gaat verder dan een regelwijziging

De Wwft is een Nederlandse wet. Ze is gebaseerd op Europese richtlijnen, en een richtlijn laat elk land ruimte om de regels op zijn eigen manier in te vullen. Daarom kennen we in Nederland naast de Wwft ook het Uitvoeringsbesluit Wwft 2018 en de leidraden van toezichthouders als DNB, AFM en BFT.

De AMLR werkt anders. Het is een verordening, en die geldt in alle EU-landen rechtstreeks en op precies dezelfde manier. Landen mogen niet langer hun eigen afwijkende regels maken, behalve waar de verordening dat uitdrukkelijk toestaat. Dat principe heet maximumharmonisatie. In de praktijk betekent het dat de nationale leidraden hun rol als zelfstandige norm grotendeels verliezen. In hun plaats komen de Europese regels zelf en de richtsnoeren van AMLA, de nieuwe Europese anti-witwasautoriteit in Frankfurt die sinds 1 juli 2025 actief is. Je belangrijkste kennisbronnen verschuiven dus mee.

De AMLR staat bovendien niet op zichzelf. Ze hoort bij een groter pakket. Naast de verordening is er de zesde anti-witwasrichtlijn (AMLD6), die onderwerpen als toezicht, handhaving, de FIU en het UBO-register regelt en die nog wel via Nederlandse wetgeving wordt ingevoerd. Je beweegt je als organisatie dus tegelijk door rechtstreeks werkend Europees recht en door nationaal recht.


Contant geld: twee grenzen

Rond contante betalingen bestaan er straks twee verschillende grenzen. Het helpt om die uit elkaar te houden:

Nationaal: Nederland kent sinds 1 januari 2026 een verbod op contante betalingen van €3.000 of meer voor goederen. Dit geldt voor handelaren in goederen, pandhuizen en kunsthandelaren. Voor diensten geldt dit verbod niet.

Europees: Vanaf 10 juli 2027 komt daar de Europese grens bij. Contante betalingen van €10.000 of meer worden dan in de hele EU verboden, en die grens geldt zowel voor goederen als voor diensten. Landen mogen een strengere, lagere grens hanteren; Nederland heeft die met de €3.000-grens voor goederen al.

Kortom: de Nederlandse €3.000-grens gaat (vooralsnog) over goederen, en de Europese €10.000-grens vanaf 2027 over goederen én diensten.


Wat er inhoudelijk verandert

De UBO-drempel

Een UBO is de uiteindelijk belanghebbende: de natuurlijke persoon die echt achter een onderneming zit. Nu telt iemand als UBO bij een belang van “meer dan 25%”. Onder de AMLR wordt dat “25% of meer”. Dat verschil lijkt klein, maar het betekent dat je klanten met een belang van precies 25% opnieuw moet beoordelen.

Belangrijk om geen misverstand over te laten bestaan: de zogenoemde “pseudo-UBO” verdwijnt niet. Kun je na grondig onderzoek geen UBO aanwijzen, dan moet je ook onder de AMLR de hoogste leidinggevenden van de onderneming vastleggen en hun identiteit controleren. Wat verandert is de manier waarop: waar je die leidinggevenden nu nog formeel als UBO aanmerkt, leg je straks vast dát er geen UBO is en identificeer je de hoogste leidinggevenden als aparte stap. De verplichting om hen in beeld te brengen blijft dus gewoon bestaan.

Het melden van verdachte zaken

Nu meld je “ongebruikelijke” transacties, deels op basis van vaste criteria (zoals een bedragsgrens) en deels op basis van je eigen inschatting. Onder de AMLR draait het vooral om dat professionele oordeel: je meldt wanneer je weet, vermoedt of goede redenen hebt om te vermoeden dat geld of activiteiten met criminaliteit te maken hebben, ongeacht het bedrag. De vaste bedragsgrens als automatische meldknop valt daarmee grotendeels weg.

Dat vraagt meer van je analyse en van het vastleggen van je afwegingen, en van medewerkers die signalen leren herkennen. Daarbij kijk je niet alleen naar waar het geld vandaan komt, maar ook naar waar het naartoe gaat, ook als het op zichzelf legaal is verdiend. AMLA komt met richtsnoeren die helpen herkennen wanneer iets verdacht is.

Politiek prominente personen (PEP’s)

De groep “politiek prominente personen” wordt groter. Ook bepaalde regionale en lokale bestuurders gaan eronder vallen, samen met een ruimere kring van familieleden. Werk je nu met een beperkte PEP-screening, dan vraagt dit een herijking van zowel je beleid als je systemen.


De compliancefunctie zelf verandert

Voor veel organisaties is dit het meest ingrijpende onderdeel. De Wwft volstaat met de open norm dat je een compliance- en auditfunctie inricht “voor zover passend bij de aard en omvang”. De AMLR maakt er een echte, wettelijk verankerde functie van, met twee rollen:

De compliance manager is een lid van het bestuur dat verantwoordelijk is voor het naleven van de anti-witwas-, terrorismefinancierings- en sanctieregels. “Tone at the top” is daarmee geen vrijblijvende ambitie meer, maar een benoembare verantwoordelijkheid op bestuursniveau.

De compliance officer is de uitvoerende functie, aangewezen door het bestuur, op voldoende hoog niveau, en het formele aanspreekpunt voor de toezichthouder.

Belangrijk daarbij is de onafhankelijkheid. De compliancefunctie mag niet samenvallen met commerciële of operationele belangen, en moet rechtstreeks aan het bestuur kunnen rapporteren. Voor kleinere en middelgrote kantoren waar compliance er nu nog “bij” wordt gedaan door een partner of een operationeel betrokken medewerker, is dit een reden om de inrichting kritisch te bekijken. Lukt functiescheiding niet binnen het eigen team, dan kan een externe compliance officer een passende en proportionele oplossing zijn.

Daarnaast moet je een organisatiebrede risicobeoordeling maken, vergelijkbaar met de SIRA die je in de Nederlandse praktijk al kent, maar nu met een wettelijk vastgelegde minimuminhoud die AMLA verder uitwerkt. Die beoordeling wordt opgesteld onder verantwoordelijkheid van de compliance officer en goedgekeurd door het bestuur. Je bestaande SIRA is een goede basis, maar zal tegen de nieuwe eisen moeten worden gelegd en waar nodig aangepast zodra de richtsnoeren van AMLA er zijn.


Niet alleen papier, maar cultuur

De grootste uitdaging is misschien niet juridisch van aard, maar cultureel. De AMLR verlangt aantoonbare betrokkenheid van het bestuur en een compliancefunctie met echt gezag en echte onafhankelijkheid. Organisaties waar compliance tot nu toe vooral een formaliteit was, moeten verder gaan dan het aanpassen van beleidsstukken. De manier waarop de organisatie wordt bestuurd, moet zelf veranderen.


Wat je nu kunt doen

De datum van 10 juli 2027 staat vast. Beleid, systemen, dossiers en de inrichting van je compliancefunctie moeten ruim vóór die datum gereed zijn. Een goede start is een gap-analyse: leg je huidige Wwft-inrichting naast de eisen van de AMLR, en maak op basis daarvan een gefaseerd implementatieplan. Wie hier nu mee begint, heeft de tijd om zorgvuldig te werken. Wie wacht, maakt het zichzelf onnodig moeilijk.


Wil je weten waar jouw organisatie nu staat ten opzichte van de AMLR? Consequent Compliance helpt graag met een gap-analyse en een praktisch plan van aanpak.